Gerrit de Stotteraar of Gerrit Blom: inbreken tot je er bij neervalt

0
344
Gerrit de Stotteraar of Gerrit Blom: inbreken tot je er bij neervalt
Gerrit de Stotteraar rond 1965

Gerrit Blom

(Gerrit Cornelis Blom, Amsterdam, 20 januari 1920 – onbekend, circa 2003)

Bijnaam: Gerrit de Stotteraar


Gerrit de Stotteraar of Gerrit Blom: inbreken tot je er bij neervalt
Gerrit de Stotteraar rond 1965

Gerrit de Stotteraar, is vooral in de jaren ’50 tot ’70 van de vorige eeuw actief met inbreken.


100 grootste criminelen van Nederland (inmiddels meer…)
De Nederlands misdaadencyclopedie
Alle Liquidaties in Nederland
Boeken over Nederlandse criminaliteit
Bijnamen van de verschillende criminelen uit binnen- en buitenland.
Zie hier ->>> Meer interessante artikelen over criminaliteit op deze website.

Gerrit Blom is beter bekend als Gerrit de Stotteraar. Hij is vooral in de jaren ’50 tot ’70 van de vorige eeuw actief. Gerrit is berucht vanwege zijn veelvuldige inbraken en insluipingen bij arme Amsterdammers.

Zijn onverbeterlijke gedrag en meerdere ontsnappingen uit opvoedingsgestichten, gevangenissen en politiebureaus, maken hem bekend in Nederland. Criminoloog Hagar Peeters schrijft zelfs een biografie over hem: ‘Gerrit de Stotteraar. Biografie van een boef’ (uitgeverij De Bezige Bij, 2016)


De jeugd van Gerrit

Gerrit Blom is geboren op 20 januari 1920 in Amsterdam-West. In het katholieke gezin is hij het oudste kind naast twee zusjes. Zijn vader, een stugge Groninger, heeft samen met zijn moeder een winkel in levensmiddelen. Op zijn vierde jaar laat zijn tong hem in de steek en Gerrit gaat stotteren. Hij praat dan nog maar weinig en wordt daarom ook nog eens stevig gepest.

In het boek van Hagar Peeters vertelt Gerrit dat zijn eerste diefstal het stelen van het gouden zakhorloge van zijn opa. Dit doet hij is als hij bij opa op schoot zit.

Het gezin functioneert Blom niet, er is altijd wel ergens ruzie over. In 1931, Gerrit is 11 jaar, volgt dan ook een scheiding. Hij verhuist met zijn zusjes naar een kindertehuis in Beverwijk.

 


Na de lagere school

De lagere school wil niet echt vlotten en Gerrit blijft zeker twee keer zitten. Gerrit is wel een atletisch gebouwd en lenig mannetje, iets wat hem later bij het inbreken en uitbreken nog goed van pas zal komen.

Op zijn vijftiende gaat hij aan het werk als fietsjongen bij een drukkerij. Daarna heeft hij hier en daar nog een paar losse, tijdelijke baantjes. Een werkloosheidscursus blijkt ook geen oplossing te zijn. Hierna plaatst de Gemeentelijke Nazorg hem tot twee keer toe bij de ‘Werkverschaffing voor onvolwaardigen’ .

Hij haalt ook een wisseltruc uit met statiegeld en moet voor de kinderrechter verschijnen. Die besluit dat Gerrit, die nu woont bij zijn moeder en stiefvader, regelmatig thuisbezoek van een gezinsvoogd moet krijgen.

Veel helpt het allemaal niet, Gerrit bekwaamt zich steeds verder in diefstal. In die tijd doet men het huis nog niet op slot of je kunt gebruik van een zgn. loper. Dit is een sleutel die op vele sloten past.

Nadat Gerrit weer eens heeft ingebroken vertrekt hij met zijn gestolen waar op zijn fiets en zwaait hij even. Zo lijkt het voor omwonenden dat hij bij familie of kennissen op bezoek is geweest.

Populair maakt hij zich er niet mee. Zijn buurtbewoners vervloeken Gerrit omdat hij zijn arme buurtgenoten besteelt. De Waarheid schrijft: ‘…hij bezit de laffe gewoonte om uitsluitend bij arbeiders in te breken.’ Als hij zeventien jaar wordt hij betrapt op het stelen uit een boekenwinkel. Gevolg: Gerrit moet voor de kinderrechter verschijnen.


Naar het opvoedingsgesticht

De kinderrechter besluit om in 1938 Gerrit te plaatsen in het Rijksopvoedingsgesticht De Kruisberg in Doetinchem te plaatsen. Samen met 180 andere jongens proberen ze van hem en de andere jongens ‘flinke, eerlijke kerels te maken.

Nadat Gerrit is overgeplaatst is naar de Rekkensche Inrichtingen ontsnapt hij op kerstavond in december 1939. Hij gaat naar Amsterdam en op 3 januari 1940 pleegt hij zijn eerste inbraak. Hij breekt niet in bij de eerste de beste, maar bij de hoofdcommissaris van de politie van Amsterdam. De politie pakt Gerrit op en hij verdwijnt achter de tralies.


De oorlog en weer een ontsnapping door Gerrit de Stotteraar

De criminele carrière van Gerrit stopt niet door de oorlog. Hij pleegt tientallen inbraken en zet een handel in consumptiebonnen op.

In het voorjaar van 1943 zit Gerrit vast op politiebureau Stadhouderskade. Ook nu weet hij weer te ontsnappen. Hij breekt een aantal houten planken weg en weet zich tot onder het washok te slepen en verdwijnt via het wasluik. Waarna hij zo langs de bewaarders het bureau uit liep. Zij zagen hem waarschijnlijk aan voor een onschuldige bezoeker.


Gerrit de Stotteraar is voor het eerst landelijk nieuws

Door een inbraak in de Amsterdamse Sterumstraat op maandag de 14e januari 1948 gaat Gerrit landelijk bekend worden. Zes dagen voor zijn 28e verjaardag houdt een krasse 70-jarige Gerrit aan als hij inbreekt in het huis van zijn broer.

Het wordt in het Nieuwsblad van Friesland als volgt beschreven: ‘Een buurman waarschuwde des avonds de oude man, dat zich in de woning van zijn broer, enkele huizen verder, een vreemdeling bevond. De oude man trok op onderzoek uit en ontmoette in het duistere trapportaal van de woning een grote man. Deze trachtte hem opzij te duwen, maar de grijsaard versperde hem de doorgang en wist zelfs de indringer te bewegen de trap weer op en de kamer binnen te gaan. Daar was de inhoud van de buffetla en de linnenkast over de vloer gestrooid en lagen enkele Kostuums gereed om meegenomen te worden.

Gerrit, die tot zijn verbazing merkt dat de oude man hem vasthoud, probeert zich los te rukken. De man grijpt Gerrit bij zijn keel en gooit hem hem op de divan. Intussen roept hij luidkeels om de politie. Omdat het raam openstaat, slaan de buren alarm en waarschuwen de politie. Even later wordt Gerrit de stotteraar ingerekend door de agenten ingerekend.

Bron: “70-jarige grijsaard overmeesterde berucht inbreker.”. “Nieuwsblad van Friesland : Hepkema’s courant”. Heerenveen, 1948/01/16 00:00:00, p. 4. Geraadpleegd op Delpher op 30-01-2020, http://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010733413:mpeg21:p004

De bergplaatsen van Gerrit

Na zijn aanhouding vindt de politie twee bergplaatsen waar Gerrit zijn gestolen spullen bewaard. Ook zit er tussen het gestolen goed veel vrouwenkleding. Een ander bijzonder detail is dat Gerrit ook zijn gestolen handel netjes beschrijft.

Dit doet hij omdat hij bang is dat zijn spullen weer zouden worden gestolen door zijn heler. De politie vindt ook twee sigarenkistjes met daarin bijna 3.000 gulden, nu zou dat zo’n 15.000 euro zijn. Zijn eigen lijst met gestolen goederen is ook in te zien bij op het politiebureau in de Pieter Aertszstraat in Amsterdam.


Gerrit de Stotteraar moet het gevang in

Op 22 januari 1948 moet Gerrit voorkomen. Gerrit vertelt de rechter dat hij elektricien is en geld verdient met de verkoop van stoffen. Met de 60 tot 80 gulden per week die hij verdient kan hij niet rondkomen vindt hij.

Ook vertelt hij dat hij op zijn 17e of 18e voor het eerst in aanraking komt met de politie. Wat zijn vrouw er allemaal van vindt weet hij niet. Verder vertelt hij in de rechter: ‘Ik ben niet uit hebzucht gaan inbreken, meneer. Ik drink niet, ik rook niet, ik snoep niet. Lekker eten wel. Ja, dat kost een hoop centen.’

Gerrit loop er graag mooi bij, hij houdt van dure pakken. Ook blijkt dat hij een groot hart heeft. Vrijwillig brengt hij wekelijks 60 gulden naar een man die hij per ongeluk heeft aangereden. De glazenwasser krijgt altijd een tientje (50 euro nu), de buurman die sneeuw ruimt en de taxichauffeur ook. Hij zal acht inbraken toegeven, dit zijn overigen alleen de inbraken de politie kan bewijzen.


Ontsnapt uit de gevangenis en snel weer vast

Lang verblijft Gerrit niet achter de tralies van het politiebureau in de Spaarndammerstraat in Amsterdam. Hij heeft heel handig in één van zijn schoenen ijzerzaagjes zitten. Gerrit zet zijn bed rechtop, klimt er op en zaagt één van de tralies door.  Zo komt hij in de nacht van 22 op 23 januari weer op vrije voeten. De Haagse Courant benoemt hem door deze uitbraak tot ‘Koning der uitbrekers’.

Op zaterdag 21 maart 1948 is de pret weer voorbij. Als Gerrit bezig is in te breken in de Blois van Treslongstraat in Amsterdam zien buren dat en bellen de politie. Ze lopen de trap af en vragen wat hij aan het doen. Gerrit geeft nog wel antwoord, maar gaat er op zijn fiets vandoor.

Een aantal mensen gaan hem achterna en proberen hem staande te houden op de Rijpgracht. Hij trekt zijn pistool en houdt zo de omstanders op afstand. De politie is snel ter plaatse en hij springt in het Marktkanaal. Als hij zijn wapen op de politie richt, schieten de agenten direct op hem. Hij gooit zijn wapen daarop weg, zwemt naar de overkant en probeert op de wal te klimmen. Dat lukt hem niet en de politie houdt Gerrit aan.


Nederland als werkveld

Inmiddels is Gerrit een bekende Nederlander geworden en in 1956 schaft hij zich een auto aan. In Amsterdam valt hij te veel op en zo gaat inbreken buiten Amsterdam. De zaken gaan zo goed dat hij zich een succesvol inbreker mag noemen.


Potloodventen in het Vondelpark

Van Gerrit is bekend dat hij niet zonder zijn porno kan. Sterker nog: hij zou zelfs inbraken plegen om zo vieze boekjes en films te kunnen kopen. Ernstiger is misschien dat hij ook potloodventer is, en aan kleine meisjes zijn geslachtsdeel toont.

De politie vat Gerrit in zijn kraag in het Vondelpark in Amsterdam op dinsdag 27 juli 1965. Omstreeks half vijf pakt de politie hem op: ‘…wegens openbare schennis van de eerbaarheid in aanwezigheid van twee tienjarige meisjes.’

De man, die enkele jaren jaren geleden bekend werd wegens ontsnappingen uit verschillende gevangenissen onder andere in Breda, ging op grasveld achter de speeltuin naar de meisjes toe.

Gerrit de Stotteraar heeft een ziekelijke belangstelling voor pornografische boeken en plaatwerken. Om aan het geld hiervoor te komen pleegde de hij veel insluipingen in volkswijken waar hij het hoofdzakelijk gemunt had op portefeuilles en horloges.’

Bron: “Gerrit de Stotteraar gepakt in Vondelpark”. “De Volkskrant”. ‘s-Hertogenbosch, 1965/07/28, p. 6. Geraadpleegd op Delpher op 30-01-2020, http://resolver.kb.nl/resolve?urn=ABCDDD:010878165:mpeg21:p006

‘Ik heb er spijt van!’ en toch niet echt…

Soms heeft Gerrit ook spijt van zijn daden. M, donderdag. Op 14 augustus 1969 breekt hij in bij de familie Beverdam in Heemstede. Hij steelt een ring met robijnen en een gouden broche. De politie arresteert hem nog dezelfde dag en rechter veroordeelt hem tot enkele maanden gevangenisstraf. De buit geeft Gerrit echter niet prijs. Op 14 januari 1970 hij weer op vrije voeten en brengt hij de familie Beverdam de sieraden terug. Gerrit zegt bij overhandiging: ‘Ik heb er spijt van en daarom kom ik de spullen maar weer terugbrengen.’

Spijt van inbreken heeft Gerrit overigens niet. Op donderdag 16 mei 1970 houdt de politie hem in Diemen al weer aan voor een diefstal van goederen uit een auto.

Op de nacht van donderdag op vrijdag 29 houdt de politie de 51e jarige Gerrit weer een aan. Surveillerende rechercheurs zien Gerrit fietsen. Zij herinneren zich dat Gerrit altijd op de fiets op verkenning gaat. Op de Herengracht zien ze hem inbreken bij een groothandel in seksfilms. In zijn auto, voorzien van valse kentekenplaten, vindt de politie vijf postzakken vol seksfilms. Hij zal voor deze inbraak acht maanden moeten zitten.


Het einde van Gerrit de Stotteraar

In 1986 is hij voor de laatste keer opgepakt. Hierna blijft het stil rondom Gerrit. Peter R. de Vries maakt bekend dat hij op 83-jarige leeftijd is overleden. Hij ligt dan ook al enkele dagen dood in zijn woning in de Kinkerstraat in amsterdam


Gerrit Dekzijl – Ik Ben Gerrit

Wim T. Schippers maakt het lied Ik ben Gerrit, gezongen door Gerrit Dekzeil, ter ere van Gerrit de Stotteraar.